Boerderij Buiten VerwachtingIk zou niet aan landbouw zijn begonnen als het op de industriële manier zou moeten
Kruidenrijke graslanden Boerenlandvogelbeheer Weidegang Waterbeheer Bloeiende akkerranden Samenwerking Verdienmodel Landschapselementen Erfinrichting Duurzaam bodembeheer Energie Vruchtwisseling

Homepage

Natuurinclusieve landbouw is een duurzame, minder intensieve vorm van landbouw, waarbij in de bedrijfsvoering optimaal gebruik wordt gemaakt van de natuurlijke omgeving. Met als resultaat: meer biodiversiteit, minder CO2-uitstoot en een aantrekkelijker landschap. Deze manier van landbouw bedrijven is van belang voor landschap, milieu, natuur en voor een gezonde rendabele landbouw op de langere termijn.

NMZH vertelt graag de verhalen van enthousiaste boeren die natuurinclusieve landbouw in de praktijk brengen. Daarnaast delen we relevante rapporten, artikelen en nieuwsberichten.
Ons doel is boeren, agrarische collectieven en vrijwilligers te inspireren en ondersteunen in Zuid-Holland om met natuurinclusieve maatregelen aan de slag te gaan, zodat de ontwikkeling van de duurzame landbouw een vlucht neemt in onze provincie.


Natuurlijk boeren, wel zo natuurlijk!

Nieuws

Tweede themabijeenkomst Kruidenrijk grasland

Op dinsdagavond 10 december 2019 organiseerde de Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland samen met De Groene Motor opnieuw een kennisbijeenkomst rond het thema ‘Kruidenrijk grasland’.

Na een eerdere bijeenkomst deze zomer in Zoeterwoude, waren we ditmaal te gast op het biologisch-dynamische melkveebedrijf van Kees en Maria van Gaalen in Noordeloos. In de groepsruimte boven de stal hield Jan de Wit (DWC advies en voormalig adviseur Louis Bolk-instituut) een presentatie over kruidenrijk grasland.

Kees van Gaalen vertelde vervolgens hoe hij op zijn bedrijf met natuurlijk inclusieve landbouw bezig is. De avond werd afgesloten met een gesprek met de deelnemers onder leiding van Theo Vogelzang van LandschappenNL.

Jan de Wit ging in op de vraag wat kruidenrijk gras voor weidevogels betekent en hoe je er als boer voor zorgt dat er op het juiste moment in het seizoen een aantrekkelijk biotoop voor de weidevogels staat. En wel zo, dat het tegelijk ook een goede opbrengst aan gras oplevert. Kruidenrijk grasland is goed voor insecten en dus voor weidevogels, want insecten zijn weer het hoofdvoedsel voor de kuikens. Ook voor de gezondheid van het vee is kruidenrijk gras goed en dat is weer gunstig voor de boer. Als het aandeel kruiden ten opzichte van het aandeel grassoorten toeneemt, daalt wel de opbrengst in veevoer. Het is dus zoeken naar een goede balans.


Uiteindelijk is divers grasland stabieler en mineraalrijker en heeft daarmee ook voordelen voor diergezondheid en het voorkomen van ongewenste niet-eetbare kruiden. Ook heeft het een effect op de melkkwaliteit. Vooral soorten als cichorei, smalle weegbree, paardenbloem doen het goed in productief grasland. Vaak ook duizendblad en karwij en soms rolklaver, wilde peen, leeuwentand en pimpernel. Klavers hebben een gunstig effect op de bodem en zorgen daarmee ook voor toename van het aantal wormen in de bodem. Witte klaver kan goed tegen beweiden.


Het moment van inzaaien is ook van belang, omdat gras bij lagere temperatuur kiemt dan de meeste kruidachtige soorten. Uit onderzoeken van het Louis-Bolk onderzoek bleek wel dat het realiseren van kruidenrijk gras niet eenvoudig is. Zeker op voedselrijke grond als veen is dit een langdurig proces.

Inzaaien op veen is meestal niet aan te raden omdat de werkzaamheden ook organische stof mobiliseert. Te rijke grond is een lastig uitgangspunt voor omschakeling naar kruidenrijk grasland. Bij een productie van meer dan 8 ton droge stof/ha/jaar is dit pas zinvol. Bij rijkere bodem moet eerst verschraald worden door niet te mesten en wel te maaien en af te voeren. 


Uit de discussie en praktijkervaringen van aanwezigen, bleek ook nu dat aanpassingen van de bedrijfsvoering voor meer weidevogels maatwerk is. Kruidenrijk grasland in de goede vorm heb je niet zomaar en is niet de enige factor van belang. Het is een onderdeel van een goed mozaïek op polderniveau waarin oudervogels en kuikens kunnen eten, schuilen en rusten en daarvoor op het juiste moment de geschikte vegetatiehoogte en structuur ter beschikking hebben.
Juist daarom is goede communicatie en uitwisseling van praktijkervaringen tussen betrokken boeren, vrijwilligers en terreinbeheerders van belang. In dat opzicht was ook deze bijeenkomst weer heel waardevol, want zowel weidevogelvrijwilligers als boeren met uiteenlopende bedrijfsmodellen waren aanwezig en wisselden ervaringen uit.

Veel animo voor Verdienmodellen Natuurinclusieve landbouw

Op dinsdagavond 5 november organiseerde de Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland samen met De Groene Motor een kennisbijeenkomst rond het thema ‘Verdienmodellen voor Natuurinclusieve Landbouw’. Ruim 30 boeren, vrijwilligers en terreinbeheerders wisselden kennis en ervaringen uit over deze verdienmodellen.

De bijeenkomst vond plaats op Hoeve Biesland, het biologisch-dynamische melkveebedrijf van Jan en Mieke Duijndam in Delfgauw en werd begeleid door Theo Vogelzang. De avond ging van start met een inleiding door Nico Polman van Wageningen Economic Research.

Volgens Polman is dè succesfactor voor natuurinclusieve landbouw een effectief verdienmodel voor een bedrijf waarin de natuur centraal staat in alle facetten van de bedrijfsvoering. Er wordt daarbij dus niet alleen geld verdiend met agrarische productie, maar er wordt ook waarde gecreëerd voor en met de natuur. Die waarde wordt gecreëerd door natuurwaarden of opbrengsten uit de natuur te vermarkten en door eigenschappen van de natuur te benutten in de bedrijfsvoering (en daarmee in sommige gevallen ook kosten te besparen).

Doordat de bedrijfsstructuur, ontwikkelmogelijkheden en eigenschappen van de omgeving per bedrijf verschillen, is het natuurinclusieve verdienmodel van elk bedrijf uniek. Een blauwdruk is moeilijk te geven. Het verdienmodel staat of valt bij de invulling van iedere individuele ondernemer.

In de publicaties Boeren in Beweging en Verdienmodellen Natuurinclusieve Landbouw worden diverse verdienmodellen opgesomd. Ze zijn te groeperen naar thema: samenwerken, verbreden, natuurbeheer, de bodem.

  • Verdienmodellen kunnen gebaseerd zijn op het realiseren van meerwaarde voor meerdere bedrijven gezamenlijk, via bijvoorbeeld natuurbeheer. In dat geval wordt vaak ook samengewerkt met andere partijen zoals terreinbeheerders, afnemers en maatschappelijke organisaties.
  • Natuurinclusieve verdienmodellen kunnen gebaseerd zijn op de combinatie van veehouderij en akkerbouw of multifunctionele activiteiten op het bedrijf, zoals zorg, recreatie, educatie of produktie en vermarkting van streekproducten.
  • Een derde groep verdienmodellen kenmerkt zich doordat natuurbeheer onderdeel van het verdienmodel van het bedrijf is. Bijvoorbeeld een veehouderij die, naast de productie van melk en vlees, op contractbasis natuur en landschap beheert op grond van een terreinbeheerder.
  • Tot slot, kan de bodem de kern van het verdienmodel zijn. Investeren in de betere bodemstructuur en - vruchtbaarheid door toepassing van niet-kerende grondbewerking (NKG) kan leiden tot lagere kosten en hogere opbrengsten. 

Volgens gastheer Jan Duijndam staat of valt een effectief verdienmodel met motivatie, geduld en ondernemerschap. Hij heeft al meer dan 20 jaar geleden een omslag gemaakt naar een extensieve wijze van boeren en blijft vooruitdenken. Zijn verdienmodel is vooral gebaseerd op de overlap van de overheidsvergoedingen voor natuurbeheer en de meerprijs die consumenten willen betalen voor biologisch-dynamische producten. Belangrijk zijn afspraken voor de lange termijn met overheden en terreinbeheerders, want die maken investeringen mogelijk. Duijndam beschouwt de overheid als een klant: Wil de overheid doelen behalen op het gebied van biodiversiteit? Dan heeft dat een prijs.

Vanuit de zaal werd gewezen op het ontbreken van natuurinclusieve landbouw in het curriculum van het groene onderwijs. Wellicht dat de Green Deal Natuurinclusieve Landbouw Groen Onderwijs daarbij voor een ommekeer kan zorgen.

Een aanwezige noemde ook de houding van erfbetreders, die natuur en landschap vaak niet beschouwen als integraal onderdeel van een verdienmodel. Waarop een aanwezige akkerbouwer een warm pleidooi voor omschakelen naar natuurinclusievelandbouw hield: een betere bodem en meer biodiversiteit leiden tot hogere opbrensten én een volhoudbaar systeem. Vanuit de zaal werd dit ondersteund. Als we natuur en landschap gaan zien en waarderen als een onderdeel van het boerenbedrijf en de boer als beheerder daarvan belonen, kunnen we toe naar een duurzamer landbouwsysteem, waar ook meer ruimte is voor biodiversiteit.

Copyright © NMZH