Blijf op de hoogte

Nieuws

Greener future for young farmers

Een groenere toekomst is voor iedereen de juiste weg, en zeker voor jonge boeren! Daarom heeft de Europese Unie een subsidie toegekend aan het project ‘Greener future for young farmers’. Op initiatief van Vogelbescherming Nederland wordt onderwijsondersteunend materiaal over natuurinclusieve landbouw verzameld en ontwikkeld voor alle niveaus in het groene mbo en hbo.

De biodiversiteitscrisis maakt het immers noodzakelijk om verder te kijken dan traditionele agrarische thema’s als gewaskennis, schaalvergroting en techniek. Om natuurinclusieve landbouw verder te ontwikkelen, zijn boeren nodig die daadwerkelijk met natuur gaan werken op hun bedrijf, schrijft Vogelbescherming Nederland op haar website. Die jonge boeren moeten dan wel weten wat hun kansen en mogelijkheden zijn, dus dat vraagt om een aangepast lespakket.


UITNODIGING: ook jij kunt praktische en beeldende materialen toevoegen, die gaan over natuurinclusieve landbouw en waar collega’s in het onderwijs wat aan kunnen hebben. Klik op het linkje.

 

Meer informatie en bijdragen aan het project

 

Geld Postcode Loterij voor mens en natuur

Tijdens het jaarlijkse Goed Geld Gala in Amsterdam maakte de Postcode Loterij bekend dat ze dit jaar maar liefst € 376.584.531 kan verdelen onder 123 organisaties. De Natuur en Milieufederaties kunnen opnieuw rekenen op een vaste bijdrage van 2,25 miljoen euro. Met een extra schenking van 2,25 miljoen euro voor Plan Boom, worden de komende vier jaar in Nederland 10 miljoen bomen geplant.

Ook wordt geld vrijgemaakt voor projecten die – direct of indirect - een gezonde en duurzame landbouw ten goede komen. Zo ontvangt de stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel 1,5 miljoen euro om boeren, burgers, bedrijven, kennisinstellingen, natuurorganisaties en overheden die gezamenlijk werken aan biodiversiteitsherstel een belangrijke impuls te geven. Natuurorganisatie IUCN NL ontvangt een bijdrage van € 2,8 miljoen voor het project ‘Onder het Maaiveld’, dat inzet op verbetering van het bodemleven met behulp van een label voor bodemkwaliteit.

Lees over het Goed Geld Gala van de Postcode Loterij

EJP SOIL: bodemverbe-tering in heel Europa

26 instituten uit 21 verschillende landen doen een gezamenlijk onderzoek naar een klimaatslim en duurzaam agrarisch bodembeheer in Europa. Voor Nederland is het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit eigenaar van het programma. De Universiteit van Wageningen is nauw betrokken. Met het programma is een bedrag van 80 miljoen euro gemoeid.


Het ‘European Joint Programme on Agricultural Soil Management’, afgekort EJP SOIL, is op 1 februari 2020 formeel van start gegaan. Doel van het EJP SOIL is het verbeteren en verduurzamen van  het bodembeheer in de landbouw in heel Europa. Dit draagt bij aan het realiseren van belangrijke maatschappelijke uitdagingen, zoals aanpassing aan klimaatverandering en voedselzekerheid. Saskia Visser, programmaleider namens Wageningen, geeft aan: “Bodems spelen een belangrijke rol in veel maatschappelijke opgaven, maar goed bodembeheer is complex. Met het bijeenbrengen van alle kennis in Europa kunnen we een grote slag maken in kennisontwikkeling en toepassing.” Het programma heeft een looptijd van vijf jaar. 


Lees meer over EJP SOIL

Toekomstbestendig boeren in het Groene Hart

Broeikasgassen, biodiversiteit, verdienmodellen en het waterpeil. Dat zijn de thema’s van het kennisprogramma over toekomstbestendig ‘boeren’ in het Groene Hart. Het programma is opgezet door Wageningen University en Research (WUR), zuivelfabriek De Graafstroom, zuivelcoöperatie Deltamilk, Waterschap Rivierenland, de Rabobank en de provincie Zuid-Holland.


Onder leiding van de WUR wordt onder meer onderzoek gedaan naar maatregelen met betrekking tot het waterpeil voor de ontwikkeling van het landgebruik, de natuur en nieuwe verdienmodellen voor de veehouderij. Het programma onderzoekt ook of door het toevoegen van water aan de bodem via buizen de bodemdaling teruggebracht kan worden van 10 tot 15 millimeter per jaar naar 4 tot 5 millimeter per jaar. Daarmee zou een enorme vermindering van de broeikasgassen kunnen worden gerealiseerd.


Het kennisprogramma is een onderdeel van de Groene Cirkel Kaas en Bodemdaling. Dit is een netwerk van bedrijven, kennisinstellingen en overheden die werken aan toekomstbestendige, duurzame landbouw.

 

Lees meer op de website van de WUR

 

$ 80 miljoen voor duurzame landbouw, bos

Het AGRI3 Fonds voor duurzame landbouw en bosbescherming krijgt versterking van twee nieuwe investeerders. Dat schrijft de website Duurzaam nieuws. Het ministerie van Buitenlandse Zaken gaat $ 40 miljoen (€ 37,6 miljoen) investeren. De Rabobank stapt voor eenzelfde bedrag in.

Het Fonds wil via de combinatie van publieke en private financiering 1 miljard dollar aan kapitaal vrijmaken voor de overgang naar meer duurzame landbouw. De groeiende vraag naar voedsel zet agrarische grond en bossen fors onder druk, zo schrijft Duurzaam nieuws. Jaarlijks verdwijnt 7 miljoen hectare tropisch regenwoud. Tezamen met emissies vanuit landbouw is de CO2-uitstoot die aan dit bosverlies is te wijten goed voor 24 procent van de wereldwijde CO2-emissies, meer dan de gecombineerde uitstoot van auto’s en vliegtuigen. Het AGRI3 Fonds is opgericht door het VN Milieuprogramma en Rabobank, samen met partner IDH Sustainable Trade Initiative en ondersteund door FMO, om klimaatverandering tegen te gaan.

Lees hier het artikel

 

 

MEER BIODIVERSITEIT MET KRUIDENRIJK BOEREN

Nature Today tekende het verhaal op van een Brandwijkse melkveehouder, die laat zien dat ‘boeren’ en biodiversiteit heel goed in elkaars verlengde kunnen liggen. Door de variatie aan kruiden op zijn weiland te stimuleren, verbetert Ad van Rees niet alleen de kwaliteit van zijn land, maar ook de gezondheid van zijn dieren. Samen met vrouw en zoon verzorgt hij 165 melkkoeien en houdt hij schapen.

 

Lees het verhaal van Ad in Nature Today

 

 

KRINGLOOPLANDBOUW: 10 PUNTEN VOOR MINISTER

Ruim vijftig organisaties, waaronder de Natuur en Milieufederaties, hebben op 14 januari, samen met hun achterban, de wandelschoenen aangetrokken om via een ‘Kring-loop’ aandacht te vragen voor kringlooplandbouw. De wandeling liep van Hoeve Biesland in Delfgauw naar Den Haag. Aan het einde van de Kring-loop werd een tienpuntenplan overhandigd aan landbouwminister Carola Schouten.

Met dit plan willen de organisaties gehoor geven aan de gezamenlijke wens om ons voedselsysteem binnen de draagkracht van de aarde te organiseren. We vragen dan ook aan de overheid om snel in actie te komen, aangezien het huidige systeem niet meer houdbaar is. Met het plan is alvast een voorzet gedaan om deze weg vooruit te schetsen.

Meer over de Kring-loop en het tienpuntenplan

Drenthe financiert duurzame boeren in pilot

Drenthe geeft het goede voorbeeld. Men realiseert zich dat (intensieve) landbouw mede de oorzaak is van het grote verlies aan biodiversiteit, maar dat (duurzame) landbouw tegelijk een deel van de oplossing kan zijn. Daarbij: de landbouw lijdt zelf óók onder het gebrek aan biodiversiteit. Er loopt nu een pilot, waarbij boeren – via een stapeling aan financieringen – kunnen worden beloond voor hun goede prestaties. De pilot is gelieerd aan het Deltaplan biodiversiteitsherstel.

In het Deltaplan biodiversiteitsherstel hebben kennisinstituten, bedrijven, banken en natuur- en milieuorganisaties een coalitie gevormd. Zij stelden vijf succesfactoren op om in 2030 significante stappen te hebben gemaakt in de biodiversiteit: draagvlak en gedeelde waarden, stimulerende en coherente wet- en regelgeving, nieuwe kennis en innovatie, gebiedsgerichte samenwerking tussen alle grondgebruikers in een regio en het realiseren van nieuwe verdienmodellen.

Eén concrete stap is al gezet: de biodiversiteitsmonitor die de scores weergeeft in diverse aspecten van duurzaamheid, en beloont. Met een duurzaam plan kun je als landbouwbedrijf financieel worden ondersteund. Melkveebedrijf Riedstra en Hoving is het eerste bedrijf dat in deze pilot financiering ontving. De website van Duurzaam bedrijfsleven schreef er een artikel over.

 

Meer over het Drentse project

 

Tweede themabijeenkomst Kruidenrijk grasland

Op dinsdagavond 10 december 2019 organiseerde de Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland samen met De Groene Motor opnieuw een kennisbijeenkomst rond het thema ‘Kruidenrijk grasland’.

Na een eerdere bijeenkomst deze zomer in Zoeterwoude, waren we ditmaal te gast op het biologisch-dynamische melkveebedrijf van Kees en Maria van Gaalen in Noordeloos. In de groepsruimte boven de stal hield Jan de Wit (DWC advies en voormalig adviseur Louis Bolk-instituut) een presentatie over kruidenrijk grasland.

Kees van Gaalen vertelde vervolgens hoe hij op zijn bedrijf met natuurlijk inclusieve landbouw bezig is. De avond werd afgesloten met een gesprek met de deelnemers onder leiding van Theo Vogelzang van LandschappenNL.

Jan de Wit ging in op de vraag wat kruidenrijk gras voor weidevogels betekent en hoe je er als boer voor zorgt dat er op het juiste moment in het seizoen een aantrekkelijk biotoop voor de weidevogels staat. En wel zo, dat het tegelijk ook een goede opbrengst aan gras oplevert. Kruidenrijk grasland is goed voor insecten en dus voor weidevogels, want insecten zijn weer het hoofdvoedsel voor de kuikens. Ook voor de gezondheid van het vee is kruidenrijk gras goed en dat is weer gunstig voor de boer. Als het aandeel kruiden ten opzichte van het aandeel grassoorten toeneemt, daalt wel de opbrengst in veevoer. Het is dus zoeken naar een goede balans.


Uiteindelijk is divers grasland stabieler en mineraalrijker en heeft daarmee ook voordelen voor diergezondheid en het voorkomen van ongewenste niet-eetbare kruiden. Ook heeft het een effect op de melkkwaliteit. Vooral soorten als cichorei, smalle weegbree, paardenbloem doen het goed in productief grasland. Vaak ook duizendblad en karwij en soms rolklaver, wilde peen, leeuwentand en pimpernel. Klavers hebben een gunstig effect op de bodem en zorgen daarmee ook voor toename van het aantal wormen in de bodem. Witte klaver kan goed tegen beweiden.


Het moment van inzaaien is ook van belang, omdat gras bij lagere temperatuur kiemt dan de meeste kruidachtige soorten. Uit onderzoeken van het Louis-Bolk onderzoek bleek wel dat het realiseren van kruidenrijk gras niet eenvoudig is. Zeker op voedselrijke grond als veen is dit een langdurig proces.

Inzaaien op veen is meestal niet aan te raden omdat de werkzaamheden ook organische stof mobiliseert. Te rijke grond is een lastig uitgangspunt voor omschakeling naar kruidenrijk grasland. Bij een productie van meer dan 8 ton droge stof/ha/jaar is dit pas zinvol. Bij rijkere bodem moet eerst verschraald worden door niet te mesten en wel te maaien en af te voeren. 


Uit de discussie en praktijkervaringen van aanwezigen, bleek ook nu dat aanpassingen van de bedrijfsvoering voor meer weidevogels maatwerk is. Kruidenrijk grasland in de goede vorm heb je niet zomaar en is niet de enige factor van belang. Het is een onderdeel van een goed mozaïek op polderniveau waarin oudervogels en kuikens kunnen eten, schuilen en rusten en daarvoor op het juiste moment de geschikte vegetatiehoogte en structuur ter beschikking hebben.
Juist daarom is goede communicatie en uitwisseling van praktijkervaringen tussen betrokken boeren, vrijwilligers en terreinbeheerders van belang. In dat opzicht was ook deze bijeenkomst weer heel waardevol, want zowel weidevogelvrijwilligers als boeren met uiteenlopende bedrijfsmodellen waren aanwezig en wisselden ervaringen uit.

Digitale special ‘Biodiversiteit’ is uit!

Het derde themanummer van het Regiebureau POP gaat over biodiversiteit.

Meer dan ooit staat het behoud van biodiversiteit op de politieke agenda en houdt de gemoederen bezig. Met de negatieve uitspraak van de Raad van State over de PAS stagneert de vergunningverlening en lijkt er een nieuwe tegenstelling te ontstaan tussen biodiversiteit en andere belangen als voedselproductie, wonen en mobiliteit. Dat is jammer, want de meeste Nederlanders geven om de natuur, willen wonen in een mooie leefomgeving en kunnen genieten van een gezond en gevarieerd voedselaanbod. Het is ook jammer, omdat er juist veel initiatieven vanuit de landbouw worden ondernomen om bij te dragen aan het versterken van de biodiversiteit.

Hoe draagt POP bij?
Met de inzet van geld uit het Europese Plattelandsontwikkelingsfonds wordt door het Rijk en de provincies volop ingezet op het versterken van de biodiversiteit. Het themanummer laat aansprekende voorbeeldprojecten zien van mooie verbindingen tussen landbouw en natuur. Een van deze projecten is Natuurlijk Boeren. In het themanummer daarover een mooi artikel met onze Natuurlijk Boeren boer Jeroen van der Kooij en projectleider Fleur.

Lees het losse artikel

Lees het hele nummer

Weidevogelbeheer met voorweiden

Binnen het agrarisch weidevogelbeheer geldt vaak een latere maaidatum, tot half juni. Dat is niet altijd gunstig, omdat het gewas dan te zwaar kan worden. Met voorweiden wordt een deel van dit probleem opgelost.

Voor graslandpercelen met een beheerpakket voor weidevogels geldt vaak een uitgestelde maaidatum tot 1, 8 of 15 juni. Maar door dit uitgestelde maaibeheer ontstaat vaak een zwaar gewas. Dat is niet ideaal voor de weidevogels die een open structuur verlangen om te kunnen foerageren. Een bijkomend nadeel is dat er na het maaien een holle zode ontstaat. Het duurt lang voordat de grasmat hersteld is.

Voorweiden
Je kunt die problemen voorkomen door voorweiden. Er zijn nu beheerpakketten met mogelijkheid tot voorweiden. Je beweidt een perceel dan tot 1 of 8 mei. Daarna wordt het perceel vier tot zes weken met rust gelaten. Om te onderzoeken wat het effect is van dit voorweiden is in 2018 op het Kennis Transfer Centrum (KTC) Zegveld een praktijkproef uitgevoerd. Ook in Friesland is een vergelijkbare proef uitgevoerd. Vakblad V-focus beschrijft de resultaten van die proef in het artikel 'Voorweiden voor weidevogels'.

Grasopbrengst
Uit de proef blijkt dat de opbrengst van de eerste snede na voorweiden duidelijk lager is (3,2 tot 4,6 ton droge stof per hectare.) dan wanneer niet wordt voorgeweid (6,7 tot 7,3 ton per hectare.). Maar die lagere opbrengst wordt deels gecompenseerd door opname tijdens het voorweiden (1,9 tot 2,5 ton per hectare). Bovendien blijkt dat zonder voorweiden de snedes veel zwaarder zijn wat een holle zode tot gevolg heeft. De graszode heeft dan meer tijd nodig om te herstellen. Door de betere hergroei na de eerste snede bij voorweiden worden de grasopbrengsten bij de volgende snedes duidelijk hoger.

Het vakblad concludeert dat voorweiden een deel van de problemen van beheerpakketten met een uitgestelde maaidatum kan verhelpen. Maar er zijn wel aandachtspunten. Zo moet je het bemestingsplan aanpassen. En als voorweiden lastig is omdat het te beheren perceel op afstand ligt, kan er ook worden voorgeweid met jongvee. Veel informatie over weidevogelbeheer kan worden gevonden op de website van het project ‘Winst en Weidevogels’.

Bron: Groen Kennisnet

Biodivers boeren gelanceerd

Het boek 'Biodivers boeren – De meerwaarde van de natuur voor het boerenbedrijf' geschreven door Jan Willem Erisman en Rosemarie Slobbe is tijdens het tweedaags congres Natuurinclusieve landbouw aan de minister van LNV, Carola Schouten aangeboden. 

Het boek legt de nadruk op de functionaliteit van agro-ecologie, hoe een agrarisch bedrijf baat kan hebben bij verschillende agro-ecologische maatregelen en welke keuzes een boer van nu kan maken en welke ingrepen het overwegen waard zijn. Ook wordt er ingegaan op de maatregelen die alleen de overheid kan nemen, en welke verantwoordelijkheid de agrobusiness, de burger en consument dragen.

Dit boek is geschikt voor boeren in opleiding, ondernemers in het boerenbedrijf, landschapsspecialisten, maar ook voor bestuurders, beleidsontwikkelaars en opiniemakers is dit een verhelderend boek.

Meer informatie over boek en congres

Copyright © NMZH